Liefde en zo

VrouwenVerhalen

Boekenhoek voor vrouwen





   VrouwenVerhalen
Dorien

Mijn eigen werk

‘Niemand kan maken dat je je minderwaardig voelt als jij dat niet toestaat.’ Eleanor Roosevelt

Mijn baan bij de Openbare Bibliotheek is mijn eerste baan, ik werk er nu vier jaar en het was mijn eigen keus om daar te willen werken. Mijn start in het leven is echter ietwat averechts verlopen waardoor ik pas rond mijn 36ste mijn eerste echte baan kreeg. In mijn column ‘Je kan het …’ vertelde ik over die averechtse start. Tijdens deze woelige jaren deed ik echter wel pogingen om baantjes te krijgen maar altijd zonder succes. Natuurlijk, hoe had ik ook kunnen verwachten dat ik ergens aangenomen werd? Ik had geen diploma’s en ervaring en bovendien leefde ik van een uitkering en daarvan kon ik geen cursussen betalen om mezelf te ontwikkelen. Ik was getrouwd en mijn partner vond het evenmin nodig om zijn handen te laten wapperen, hij was het voorbeeld bij uitstek. Het kwam niet in me op om mijn eigen handjes te laten wapperen. Om een lang verhaal kort te maken; ik vond het geloof ik wel best zo! Maar toen ik na mijn scheiding een volgende, even uitzichtloze, relatie kreeg vond ik dat het tijd werd om actie te ondernemen. Hoe dacht ik ooit een baan te krijgen terwijl ik het uitzendbureau binnenstrompelde (mijn krukken ontbraken er net aan) en om werk vroeg? Ze deden hun best om niet in lachen uit te barsten. Ik had nog niet zo lang geleden mijn knieschijf verbrijzeld en twee jaar revalidatie achter de rug. Ik wilde een nieuwe start maken en daar moest ik wel voor knokken. Mijn handicap zou altijd op de achtergrond loeren. Ik besloot het anders aan te pakken. Dan maar naar de Sociale Werkvoorziening. Ik werd op de wachtlijst geplaatst. Ondertussen was ik begonnen mijn boek samen te stellen; Ervaringen van chronisch zieke mensen. Mijn leven lang was ik zelf steeds ziek (aangeboren traag werkende schildklier) en ik wilde aangeven wat dit tot gevolg had in het dagelijks leven. Uiteindelijk zag een uitgever mijn oproepje in de krant, hij had er grote belangstelling voor en wilde het gaan uitgeven. Het was tevens al een kinderwens om een boek te schrijven dus nu kwam ik wel heel dichtbij. Na ander half jaar intensief aan het boek gewerkt te hebben beloofde de uitgever mij dat het over een maandje of drie zou uitkomen. Er waren al enkele interviews geweest met de radio-omroep en de krant. Helaas werd het een half jaar uitgesteld. Natuurlijk was ik diep teleurgesteld maar ik bleef de hoop koesteren dat de dag niet lang meer op zich zou laten wachten. In die tijd verhuisde ik naar een van de waddeneilanden om een nieuw leven te beginnen. Het boek werd weer uitgesteld, net zolang totdat ik het terug heb gehaald. Twee jaar waren verstreken en toen was de inhoud achterhaald. Het is op zolder beland en mijn dromen waren opgehouden te bestaan. Na nog een jaar thuis aangerommeld te hebben besloot ik weer om aan het werk te willen. Binnen zeer korte tijd kwam ik bij de Sociale Werkvoorziening terecht. Ik wist wat ik wilde maar ik moest eerst maar eens drie maanden werkervaring opdoen en aan het werkritme wennen. Ik vond het daar geweldig, maakte vrienden en hoopte op een detacheringsplek bij de Openbare Bibliotheek. Die plek kreeg ik. Nu werk ik er nog.

Ik werk er met zeer gemengde gevoelens. Keer op keer is er sprake van geweest dat ik er weg zou gaan. In het begin liep ik op mijn tenen om alles maar zo goed mogelijk te doen maar ik maakte gelijk een forse fout binnen het bedrijf met een nullijst (boeken afschrijven) en mijn onzekerheid nam in grote mate toe. Toch kon ik blijven en leren van mijn fouten. Vanaf het begin had ik het gevoel dat ik ‘maar dat meisje van de sociale werkplek was die de rommel wel even voor hen opruimde …’, dat gevoel heb ik soms nog steeds. Het werk op zich zou op mijn lijf geschreven moeten zijn omdat ik gek ben op boeken. Van de 20 uur ben ik naar de 16 uur gegaan. Niet omdat ik geen 20 uur kan werken maar omdat er wat veranderde binnen de vier muren van de organisatie. Die 16 uur houden wel in dat ik geen cursussen of een opleiding mag volgen, daar is geen geld voor. Wel als ik 20 uur zou gaan werken, maar ook daar is geen geld voor. Ik voel me tussen wal en schip beland. Nog steeds doe ik de eenvoudige klusjes waarbij ik de rommel van de anderen opruim. Maar ik weet dat er meer in mij zit. Het liefst zou ik werken aan een boek dat ik aan het schrijven ben. Maar dat doe ik in mijn vrije tijd. Al mijn leven lang koester ik dromen die ik ooit waar zal maken. Bijna was me dat gelukt met mijn boek. Bijna is niet goed genoeg. Ze zien je pas staan wanneer je iets groots hebt bereikt. Daarvoor deed ik het eerst. Dat is fout. Want dan doe je het voor een ander en niet voor jezelf. Ondertussen blijf ik mijn werk doen bij de bibliotheek en ondertussen lees ik ongelooflijk fijne boeken die mij op weg zullen helpen naar mijn dromen. Alleen weten mijn collega’s dat niet. Die zien mij denk ik nog steeds als dat hulpje.

Goed, ik heb mijn handicaps, maar er huist meer in mij dan dat. Bovendien zijn mijn handicaps van dien aard dat zij geen excuus vormen om minder te zijn en te kunnen dan men denkt.
Ik heb stapjes terug genomen omdat ik te veel wilde en van mezelf verwachtte maar ik zal niet stil zitten. Ondertussen ben ik met een enkele stap voorwaarts begonnen en dat is met het schrijven voor de vrouwenverhalensite. Al schrijvende begin ik wat meer in mezelf te geloven en het is een troost dat er velen op deze wereld rondlopen die pas op latere leeftijd hun doel bereikt hebben. Het gaat mij er om dat ik het in de eerste plaats voor mezelf doe en dat ik er plezier aan beleef. In de tussen tijd zal ik genoegen moeten nemen met het huidige werk dat ik doe en ik zal het op een andere manier moeten benaderen; ik zal niet meer klagen over het simpele en eentonige werk dat ik doe, ook niet over het feit dat ik mij een buitenbeentje voel, maar ik zal mijn dromen koesteren en die maken mijn dag …

Ik heb leren kijken naar de dingen die ik wel heb bereikt. Dat is mijn ‘eigen’ werk geweest …
De verhuizing naar het eiland is een grote stap geweest, een hele goede stap, het heeft mijn ogen geopend en dat doet het nog steeds. Wat heb ik in die tussentijd al veel geleerd en wat valt er nog veel te leren. Dat ik me niet thuis voel op mijn huidige werkplek is het enige wat er nu nog in mijn leven aan hapert, ik heb een geweldige partner die me door dik en dun steunt, een geweldig huis, een fijne band met mijn familie, ik woon op een fantastisch eiland en ik voel me echt happy sinds de verwijdering van Loedertje … wat wil ik nu nog meer …?
Op een dag zal ook die ene kleine hapering opgelost worden … daar ben ik van overtuigd, maar ik zal er wel zelf wat aan moeten veranderen …


Ervaringsverhalen | Poëzie | Proza | Lezen! | Nieuwsbrief | Archief | Links | Contact | Disclaimer | Home


Peuteren.nl: Zwanger - Baby - Peuter - Kleuter