Ik slik even als ik aan ze denk. Die twee woorden bovenaan mijn scherm. 'Mijn lezers'. Ik zeg 'ze', maar ik bedoel 'jullie' of 'jij'. Wie je ook bent die deze woorden leest.
Gek dat je mijn woorden leest. Woorden die zo rechtstreeks uit mijn hart over het scherm gekwakt zijn. Als ik alles terug lees, wat ik tot nu toe open en eerlijk heb opgebiecht, dan moet ik wel even twee keer slikken. Ik geloof niet dat ik ooit zo open en eerlijk ben geweest.
Ik was namelijk in de veronderstelling dat deze woorden niet veel verder kwamen, dan bij een toevallige passant. Ik dacht beoordeeld te worden om de volgorde van mijn woorden en de snelheid die ik ermee weet op te bouwen of de wending die ik er in weet aan te brengen.
Ik schreef, maar nooit heb ik er bij stil gestaan dat hier 'lezers' zouden zijn. Ja, ik bedoel wérkelijk en meervoud. Nooit had ik gedacht dat ik reacties zou krijgen daadwerkelijk om wát ik te vertellen had, in plaats van het hóe. Tsja, lieve toevallige of geplande lezer, het is eigenlijk mijn eigenste schuld.
Zoals ik schrijf, zo praat ik ook. Gedachten die in mij opkomen, gooi ik argeloos op tafel. En wie er maar aan tafel zit, mag mee eten. Dus wat ik eet, eet iedereen om mij heen een hapje mee en wat ik leef, wordt automatisch aan een onschuldige omstander opgedrongen.
En ach, laat ik dan schrijven. Als hobby en heel kleinschalig. Ook dat moet ik kwijt. Ook dat belandt op tafel. Vriendinnen, collega's. In een moment van zwakte heb ik hier en daar wel eens wat verteld van mijn schrijflusten.
In hun nieuwsgierigheid hebben zij mij dit internetadres afhandig gemaakt en zo zijn de omstanders 'lezers' geworden. En zo komt het dat ik geciteerd word door een vriendin.
En zo komt het ook dat mijn afdelingshoofd (!) door mijn gedachten weet te lezen. Sta ik ineens wel even heel anders tegenover mijn eigen woorden. Want ik kan ze niet meer zomaar op internet achterlaten. Ik krijg ze weer terug. Zou het net zo voelen, als je voor het eerst wordt herkend op straat, als beginnende acteur?
Tja, ik weet óók wel dat de mensen die op straat naar míj zwaaien, voornamelijk bekenden zijn. Maar mag ik niet een béétje onder de indruk zijn van hoever ik nu al met mijn woorden kom?
En al zal mijn oma de enige zijn die ooit mijn handtekening vraagt: ik ben een gelukkig mens. Ik doe wat ik mijn hele leven al wilde: Ik schrijf én... ik word gelezen. En dat - lieve lezer(s) - geeft een heel heerlijk gevoel.
Daarvoor wilde ik jou / jullie alleen maar even bedanken!
PS: Als mijn boek ooit uit komt, verwacht ik toch zéker dat jullie 'em allemaal kopen! (Ha ha!)