Liefde en zo

VrouwenVerhalen

Boekenhoek voor vrouwen





   VrouwenVerhalen
Sandra

Gebroken hart

We zaten in de auto en zouden op weg. Ons buurjongetje van vijf stopte op zijn glanzende, nieuwe fiets, aan de bestuurderskant: "Wat gaan jullie dóehoen?" vroeg het ventje met grote onschuldige, maar evengoed zeer nieuwsgierige ogen.
"Dat gaat jou niks aan", zei mijn man geïrriteerd. Hij gaf een dot gas en scheurde weg.
Ik zag het gebeuren. Ik voelde wat knappen. Het was mijn hart.
Ik voelde hoe hij nog altijd mijlenver van het idee van zo'n zelfde klein wezentje in ons leven verwijdert was. En ik heb al zoláng geduld.
Maar hij snapt ze niet, spreekt hun taal niet en heeft al helemaal geen geduld ervoor. Voor kinderen bedoel ik.
We hebben het er nu al zo'n vier jaar over. Ik wil en hij niet. Soms gaat het er serieus en hard aan toe. Soms maken we er zachtjes grapjes over. Maar in welke vorm ik het ook giet: voor hem hoeft het allemaal niet. Geen ooievaar, geen dikke buik, geen wiegje en geen mini Nike's.
Tot voor kort dacht ik, dat het nog wel zou komen. Hij moest gewoon aan het idee wennen, dat zeiden er wel meer. Mannen zouden daarin over het algemeen wat trager zijn. De één adviseerde een goed gesprek. De ander een 'ongelukje', maar vier jaar later, was er aan mijn 'toestand' nog niks veranderd. Niks moeder. Geen dromen. Wel tranen en flink wat ook.
Ik heb uit al die kerels op straat een vent gekozen, die niks begrijpt van hormonen. En hoe moet hij het ook begrijpen? Ik begrijp het zelf niet eens. Plotseling begint je lijf te zeuren om een uitbreiding. Alsof je van het ene op het andere moment weet waarvoor je gemaakt bent: Baren! En snel een beetje! Daar zat ik. Naast de man waar ik van houd, met mijn vuisten gebald van woede. Hoe kon hij mij dit in godsnaam aan doen? Hoe kon hij mij dit wonder en dit logisch gevolg van het leven ontzeggen? Hij maakte me kapot.
Ik heb er nu alweer een hele tijd over na kunnen denken. Maar met denken alleen kom ik er niet uit. Als het om hormonen gaat - zo heb ik gemerkt - dan heeft je verstand niks meer in te brengen en wordt je gevoel immens groot. Als een kenau stampt het door mijn gedachten heen en weer en roept het: "Ik wil 't, ik wil 't, ik wil 't!"
Met een zacht piepstemmetje probeert mijn verstand dan uit te leggen, dat ik toch altijd al gelukkig was met deze man. Dat er niks verandert, juíst nu er geen kinderen zijn. Hij is hij, ik ben ik en wij zijn nog steeds wij. Geluk zou dan toch gewoon geluk moeten blijven?
Maar mijn gevoel walst daar cynisch lachend overheen.
Ik wil graag kinderen, maar mét mijn man. Het is niet een opzichzelfstaand iets. Ik wil een gezin en niet zozeer 'een baby'. Ik wil ons geluk samen uitbreiden met een derde persoon. Maar als hij dat niet wil, heb ik dan nog een keus?
Iemand schreef ooit: "There's a very thin line between love and hate". Wou die iemand misschien kinderen van míjn man, want ik balanceer op dat dunne lijntje?
Ik zwijg, houd van hem, respecteer hem en huil stiekem als hij slaapt. Ik geef mijn kussen een dreun en haat vrouwen achter kinderwagens. Ook haat ik mannen in het algemeen. Soms. En dan weer alleen die van mij.
Maar ik was toch ooit gewoon gelukkig, niet gehinderd door enige vorm van een leeg gevoel? Waar is dat gebleven? Dat gevoel van hij en ik en niemand anders? Kan iemand me vertellen hoe ik over mijn kinderkriebels heen kan groeien?


Ervaringsverhalen | Poëzie | Proza | Lezen! | Nieuwsbrief | Archief | Links | Contact | Disclaimer | Home


Peuteren.nl: Zwanger - Baby - Peuter - Kleuter